Human Resources
16 december 2025

Belangrijke HR-aandachtspunten uit het begrotingsakkoord samengevat voor jou

Op maandag 24 november bereikte de regering een akkoord over de nieuwe begroting. In dit artikel lees je de belangrijkste krachtlijnen van dat besluit én wat de concrete gevolgen kunnen zijn voor jou als werkgever en voor je werknemers.

Indexbeperking

Volgens het begrotingsakkoord krijgen werknemers met een bruto maandloon boven 4.000 euro in zowel 2026 als 2028 geen volledige indexering. Voor het loondeel boven deze grens moeten werkgevers slechts de helft van de voorziene index toepassen. Die toegepaste helft komt niet bij de werknemer terecht, maar wordt doorgestort naar de overheid. De overige helft van de index op het loon boven 4.000 euro hoeft de werkgever niet uit te betalen.

Belangrijk: deze maatregelen zijn op dit moment nog niet definitief. Zolang het Koninklijk Besluit (KB) niet is gepubliceerd, blijft er onduidelijkheid over de exacte toepassing, timing en berekening. Van zodra de concrete modaliteiten bekend zijn, informeren wij jullie via een uitgebreid blogbericht.

Werkbonus

De geplande versterking van de werkbonus wordt in een sneller tempo doorgevoerd. In het zomerakkoord (lees hier) was al beslist dat de werkbonus stapsgewijs zou stijgen, met als einddoel om tegen 2029 het brutominimumloon gelijk te trekken met het nettominimumloon. Het nieuwe begrotingsakkoord versnelt deze evolutie: vanaf volgend jaar krijgen werknemers die in aanmerking komen voor de werkbonus (RSZ-korting werknemer) ongeveer 50 euro extra nettoloon.

Het GMMI stijgt

Op 1 april 2026 wordt het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen (GGMMI) met 35 euro verhoogd. Dit is het minimumbedrag dat elke werknemer in België van 18 jaar of ouder (niet-student) minstens moet verdienen. Na de meest recente indexering op 1 februari 2025 bedraagt het GGMMI momenteel 2.111,89 euro bruto.

Re-integratie langdurig zieke werknemers

Een belangrijk speerpunt van de overheid blijft het opnieuw activeren van langdurig zieke werknemers. Werkgevers zullen daarbij een grotere rol spelen in het creëren van aangepast of alternatief werk. Het beleid zet daarvoor in op vier maatregelen:

  • Uitbreiding van de solidariteitsbijdrage
    Werkgevers met gemiddeld minstens 50 werknemers (met uitzondering van maatwerkbedrijven voor hun doelgroepwerknemers) moeten vanaf 1 januari 2026 een solidariteitsbijdrage betalen van 30% op de ziekte-uitkering tijdens de tweede en derde maand van arbeidsongeschiktheid. Volgens het nieuwe begrotingsakkoord wordt deze verplichting uitgebreid: werkgevers zouden de bijdrage in totaal vier maanden moeten betalen, en vanaf 1 januari 2027 zelfs gedurende de vierde én vijfde maand. De concrete modaliteiten en voorwaarden van deze uitbreiding moeten nog verder worden uitgewerkt.

  • Hogere werkhervattingspremie
    Werkgevers die langdurig arbeidsongeschikte werknemers minstens drie maanden gedeeltelijk opnieuw laten instromen, kunnen rekenen op een hogere premie.

  • Optimalisatie van het Terug-naar-het-Werk-fonds
    De vouchers voor private bemiddelaars worden geïndexeerd en de aanvraagprocedure wordt eenvoudiger, zodat trajecten naar re-integratie toegankelijker worden.

  • Pilootproject sectorale mobiliteit
    Werknemers die niet kunnen terugkeren naar hun oorspronkelijke job, maar wel inzetbare vaardigheden hebben, krijgen via dit project kansen bij andere ondernemingen binnen dezelfde sector.

Zomerakkoord wordt verder uitgevoerd

De arbeidsmarktmaatregelen uit het zomerakkoord worden nu verder geconcretiseerd. Zo worden flexijobs opengesteld voor alle sectoren en wordt het maximum jaarinkomen dat fiscaal vrijgesteld is verhoogd van 12.000 naar 18.000 euro. Daarnaast wordt de arbeidsmarkt verder versoepeld, onder meer door een eenvoudiger invoering van nachtarbeid. In de e-commercesector wordt bovendien het toepasselijke tijdsvenster voor nachtarbeid verschoven naar de periode tussen middernacht en 5 uur ’s ochtends.

Lees hier ons artikel over het zomerakkoord.

Pensioenhervorming

De pensioenhervorming uit het zomerakkoord werd tijdens de begrotingsgesprekken verder aangescherpt. Zo telt het eerste loopbaanjaar voortaan mee voor het vervroegd pensioen vanaf 104 gewerkte dagen, in plaats van de huidige 156. Bovendien worden lange ziekteperiodes voortaan gelijkgesteld, net zoals zorgverloven, moederschapsrust en periodes van tijdelijke werkloosheid. Hierdoor hebben deze onderbrekingen geen negatieve invloed meer op het recht op vervroegd pensioen. Met deze aanpassingen wil de regering het systeem eerlijker en toegankelijker maken voor werknemers met een onderbroken loopbaan.

Fiscale maatregelen

Het akkoord garandeert de verdere uitvoering van de fiscale hervorming, waardoor werkenden netto meer zullen overhouden. Daarnaast wordt het misbruik van vennootschappen voor louter fiscale doeleinden aangepakt, wordt de effectentaks voor personen met meer dan 1 miljoen euro op hun effectenrekening verdubbeld, en wordt de strijd tegen fiscale en sociale fraude verder opgevoerd.

KMO-plan

Naast de meerjarenbegroting 2026-2029 werd ook een nieuw KMO-plan goedgekeurd. Het pakket omvat zo’n 80 maatregelen die KMO’s meer ademruimte moeten geven, hun werking moeten vereenvoudigen en die tegelijk moeten bijdragen aan extra jobcreatie.

Let wel, de voorgestelde maatregelen moeten nog verder uitgewerkt worden en omgezet worden in effectieve wetgeving.

Heb jij nog een specifieke vraag? Laat het ons gerust weten via payroll@konsilanto.be!

De laatste nieuwtjes

Loonbonus CAO nr. 90: dat is slim belonen!

23/01/2026|

De grensbedragen voor de loonbonus volgens cao nr. 90 voor 2026 zijn bekend. Dat betekent dat werkgevers opnieuw duidelijkheid hebben over hoeveel ze hun medewerkers belastingvrij kunnen belonen. In dit artikel ontdek je tot welk maximumbedrag je in 2026 een loonbonus kan toekennen en waarom deze bonusformule zo interessant blijft. [Lees verder]

2025-12-17T11:08:33+01:00